Er moet mij iets van het hart. En ik heb wat commentaar gehad over mijn Tilburgs accent (dat past toch niet bij zo’n charmante dame als jij, Chantal?) dus probeer ik het op mijn beste Nederlands. Ik werk zelf al zo’n 11 jaar in een callcenter, maar iedere keer als ik naar mijn eigen Rabobank wil bellen, zakt mijn broek (of minirok) af. Ook daar hebben ze een callcenter, waar altijd buitengewoon vriendelijk de telefoon wordt opgenomen. Dat moet ik toegeven, etiquette kennen ze wel. Het probleem is alleen dat die grietjes die doar oan de telefoon zitten, verder weinig verstand van zaken hebben. Kijk, ik weet hoe dat kan gaan. In het begin is het moelluk, je moet veel leren en fouten zijn menselijk. Dus gaf ik mijn bank het voordeel van de twijfel. Mar nou, na 4 keer bellen ben ik er klaar mee. De eerste keer werd ik doorverbonden, terwijl ik de telefoniste nog hoorde zeggen; “kut, nou gaat het weer fout”. Kan ik wel om lachen. Telefonistestress.
Een paar maanden later belde ik met een andere vraag. Nee, daar wisten ze niks van, moest ik een ander nummer voor bellen. Bij dat nummer verwezen ze me terug naar het nummer dat ik eerst al had gebeld en inderdaad: daar moest ik wezen. Niet dat ze me meteen even door konden verbinden. “Nee, dit is een landelijk nummer” zei de telefoniste. Ik ken natuurlijk meer mensen in de callcenterwereld en een betrouwbare bron heeft mij verteld dat beide telefoonnummers in het zelfde callcentergebouw zitten aan de Gasthuisring.
Vorige maand wilde ik een buitenlandoverboeking doen (spannende speeltjes via Internet gekocht) en ik vroeg om advies. De code die ik in moest vullen, hoe ik da ammel op moest schrijven. “Zo, alles klopt” zei de mevrouw. Een week, twee weken, drie weken maar geen toys op mijn deurmat. Foutje in de overboeking, de code die ik had ingevuld was niet voldoende, er moest nog iets bij. Waarom heb ik om advies gevraagd? Daarom! Vorige week stond het bedrag weer op mijn rekening. Wel minus 10 Euro. “Kosten” zo zegt de bank. “Nee, het is niet na te trekken waar die zijn gebleven, kosten zijn kosten. Ik kan er helaas niet aan veranderen, mevrouw.” Nu begrijp ik in ieder geval hoe ze de financiering van da fiske in het Willem II stadion rond hebben gekregen.